Automatisering is niet meer weg te denken bij recruitment en HRM. Toch blijft persoonlijk contact tussen sollicitant en recruiter belangrijk. Sterker nog, het belang hiervan neemt toe. “Je wil de twinkeling in de ogen kunnen zien.”

TwinkelingBedrijven die per jaar tientallen vacatures in te vullen hebben, kunnen hun recruiters tegenwoordig eigenlijk geen Applicant Tracking System (ATS) ontzeggen. Die systemen zijn de laatste jaren geëvolueerd van veredelde adresboekjes die registreren en administreren tot ‘meedenkende’ programma’s. Daarin kunnen kandidaten die eerder op een functie gereageerd hebben aan een nieuwe vacature gematcht worden, of er kan bijvoorbeeld mee gecommuniceerd worden over open dagen of nieuwe vacatures. Kortom, het ATS kan het moderne recruiten voor een belangrijk deel automatiseren. “Voor mij is het ATS onmisbaar, anders zou m’n werk voelen als shoppen in het donker”, zegt Daphne van Lit-Kempers, recruiter en adviseur arbeidsmarktcommunicatie.

Met de toegenomen automatisering is het persoonlijke contact dat recruiters met kandidaten onderhouden echter afgenomen, merkt Van Lit-Kempers. Die lijnen zíjn er nog wel, maar lopen tegenwoordig vaker via het persoonlijke netwerk van de hiring manager. “We hebben te lang gefocust op het aantal contacten dat we hadden op sociale media. Als je meer dan duizend connecties had op LinkedIn was je de held”, zegt Van Lit-Kempers. Maar daar heeft de beroepsgroep zich wellicht te veel op blindgestaard. “Als je je contacten niet werkelijk kent, dan heb je daar niet zo veel aan.”

Juist omdat bij sollicitaties competenties en vaardigheden het tegenwoordig vaak winnen van pure vakbekwaamheid is het persoonlijke contact dat de recruiter met de kandidaat heeft zo belangrijk. “Krijgt iemand energie van een klus, of voelt het voor de sollicitant juist als een belasting? Je wil de twinkeling in de ogen kunnen zien, daar moet je op durven en kunnen varen.”

Tekst: Tijdo van der Zee

facebooktwittergoogle_pluslinkedinmail