De landelijke arbodienst ArboNed helpt ruim 1 miljoen werknemers om bij verzuim weer aan de slag te gaan. Bedrijfsarts Rob Hoedeman, gespecialiseerd in psychische klachten, ziet dat steeds meer dertigers en twintigers uitvallen met burn-out verschijnselen.

Hi_rob hoedeman“Er is sprake van een burn-out als je de volgende drie vragen met ‘ja’ beantwoordt”, zegt Rob Hoedeman. “Ben je al meer dan half jaar oververmoeid? Ervaar je een grote geestelijke afstand tot je werk? En is je professionele zelfvertrouwen duidelijk afgenomen? Veel mensen dénken bij hun klachten al snel aan een burn-out, en het is een opluchting als ze te horen krijgen dat het niet zo is.”

Neemt het aantal ziektegevallen met psychische klachten toe?
Hoedeman: “Vorig jaar bleek uit onze cijfers dat een derde van het verzuim dat langer duurt dan twee weken, psychisch is. Bij langdurig verzuim, dus langer dan zes weken, gaat het zelfs om bijna de helft van de gevallen. Cijfers laten ook zien dat de cliënten jonger worden. In onze data is er een toename van het aantal dertigers met burn-out-verschijnselen.”

Welke psychische klachten onderscheiden jullie?
Hoedeman: “Burn-out en depressie zijn de meest ingrijpende vormen. Maar ook overspannenheid komt vaker voor. Kijk, stress is onderdeel van ons dagelijkse bestaan en vaak nodig om tot betere resultaten te komen. Maar zodra je niet meer kunt ontladen en de spanningsboog voor een langere tijd strak staat, loopt de emmer over en moet je er iets aan doen.”

Het gemiddelde verzuim is 3,8 procent en is gedaald ten opzichte van tien jaar geleden. Hoe verklaart u dat?
Hoedeman: “In tijden van economische crisis daalt het ziekteverzuim. Ook de Wet Verbetering Poortwachter, waarmee werknemer, werkgever en de arbodienst zich meer moeten inspannen om de werknemer zo snel mogelijk weer aan het werk te krijgen, en een strengere WIA-regelgeving, zijn verklaringen voor deze daling.”

De gemiddelde werkdruk is gelijk gebleven. Hoe rijm je dat met een toename van psychische gevallen?
Hoedeman: “Werkdruk wordt gemeten in een gemiddelde. Er is een groeiende groep die beter leert omgaan met de hogere eisen die de maatschappij en omgeving aan hen stelt. Maar er zijn ook groepen die een mindere stressbuffer hebben. Voorbeelden zijn werknemers, ook steeds meer jongeren, die van de ene tijdelijke baan naar de andere rollen en weinig vastigheid ervaren. Doordat we op meerdere borden moeten schaken in ons werk en daarbuiten, hebben we ook het gevoel dat we een stressvoller bestaan leiden.”

Kunt u meer uitleg geven over stressbuffers?
Hoedeman: “Neurobiologisch is aangetoond dat ons alarmsysteem eerder aanspringt zodra er een mindere stressbuffer is. We hebben zowel werkgebonden als persoonlijke stressbuffers. Werkgebonden stressbuffers zijn het hebben van autonomie, steun van je collega’s en het hebben van interessant werk.

Op persoonlijk vlak gaat het om het hebben van hoop, optimisme, professionaliteit en zelfvertrouwen. Werknemers die in hun jeugd meer tegenslag hebben overwonnen, zijn vaak veerkrachtiger. Ook mensen die reëel zijn in hun verwachtingen en de eisen die ze aan zichzelf stellen, hebben minder klachten.”

Wat kunnen werkgevers doen?
Hoedeman: “Leidinggevenden hebben vaak een goede intuïtie of iemand blij, mat of depressief is. We raden aan om bij onbewuste signalen juist door te pakken. Ga met je werknemer in gesprek. Op de lange termijn is het beter om er vroeg bij te zijn en preventief op te treden. We zien in het mkb dat er een hogere urgentie is om verzuim snel op te lossen. Bij de non-profit- en overheidssector wordt er vaak moeilijker gepraat over problemen. We zien dat verschil als een cultuurkwestie.”

Tekst: Wessel Simons

facebooktwittergoogle_pluslinkedinmail